Contact

Kroonhomeopathie

Marjon Kroon-Antonisse
Debijehof 5
3863 AJ Nijkerk

Neem contact op:

Stuur een mail via de contactpagina
of bel 06 - 107 215 88



Volg ons:

Facebook-Icon Linkedin-Icon Twitter-Icon RSS-Icon

The second brain’ ligt in de darmen. De invloed van onze darmgezondheid op depressie:

Wat hebben depressie en darmgezondheid met elkaar te maken? De darmen hebben een eigen onafhankelijk zenuwstelsel. Dit zijn eigenlijk onze tweede hersenen: ons ‘buikgevoel’. Er zitten miljoenen zenuwcellen in de wand van het spijsverteringskanaal. De zenuwcellen uit de darmen communiceren met de hersenen en andersom gebeurt dat ook. Daarbij worden ‘neurotransmitters’ gebruikt. De belangrijkste van deze boodschapperstoffen is Serotonine. Serotonine zorgt voor een goed gevoel en reguleert slaap, eetlust, gevoeligheid voor pijn en onze stemming.

Serotonine heeft ook invloed op de darmperistaltiek en op de zuurgraad. Als ontlasting te lang in de darmen blijft (obstipatie) worden er onvoldoende afvalstoffen uitgescheiden en dit kan op termijn tot depressie leiden.

Verzuring verstoort de opname van voedingsstoffen

Als de zuurgraad in de darmen niet in orde is, kunnen spijsverteringsenzymen niet goed hun werk doen, waardoor voedingsstoffen niet goed worden opgenomen. Gevoelens van angst en stress hebben invloed op het proces van verzuring. Eerlijke voeding en suppletie kunnen helpen om de communicatie weer op gang te brengen, maar daarnaast is het belangrijk om uit te zoeken waar deze gevoelens vandaan komen  en voldoende te bewegen en te ontspannen.

Mensen met een manische depressiviteit, een bi-poliaire stoornis hebben perioden waarin zij teveel dopamine, cortisol en adrenaline produceren (stresshormonen) en vervolgens perioden waarin zij juist een tekort aan deze stoffen hebben. In depressieve periodes is er vaak een tekort aan dopamine. Dopamine en adrenaline zijn beide stoffen die er voor zorgen dat je graag dingen onderneemt, initiatieven ontplooit en tot actie komt. Bij een burn-out of bijnieruitputting zijn deze neurotransmitters ook uit balans.

Laaggradige ontsteking verandert de werking van hormonen

Wanneer er sprake is van een laaggradige ontsteking in de darmen moet het immuunsysteem langdurig gekalmeerd worden d.m.v. het stresshormoon cortisol. Op langere termijn kan hierdoor zelfs hypoadrenalisme ontstaan (een tekort in de aanmaak van adrenaline). Adrenaline wordt opgebouwd vanuit dopamine.

In de behandeling van depressie is het daarom belangrijk om aandacht te hebben voor de conditie van de darmen en zo weinig mogelijk ontstekingsbevorderende stoffen in voeding tot je te nemen.

Gewoontes die ontsteking bevorderen

Roken en andere stimulantia, zoals alcohol, koffie en zwarte thee, suikerhoudende producten en witmeel houdende producten en bewerkte vetten, zijn sterk ontstekingsbevorderend. Groente en fruit en gezonde vetten remmen ontsteking. In periodes van stress is het aan te bevelen om iets meer plantaardige eiwitten en (beperkt) dierlijke eiwitten te nemen en minder koolhydraten (vooral die uit graanproducten) te eten.

Niet alle koolhydraten zijn hetzelfde

Bij koolhydraten maken we onderscheid tussen enkelvoudige suikers die snel beschikbaar zijn als energie en samengestelde suikers die meer tijd nodig hebben om te worden opgenomen. Wanneer  deze ‘snelle suikers’ niet direct gebruikt worden, sla je ze op als vet. Omdat ze heel snel de bloedbaan in gaan heeft het lichaam er moeite mee om een en ander te reguleren. Dit is een gevaar voor je gezondheid. Er kan zo hyperinsulinemie ontstaan, diabetes II, hart- en vaatziekten, of kanker. Een signaal van hyperinsulinemie is vetopslag rond de buikorganen (visceraal vet).

Het lichaam doet er langer over om  meervoudige (samengestelde) suikers te verteren. Ze komen niet allemaal tegelijk beschikbaar en daarom heb je er als energiebron langer wat aan. Er is meer tijd om ze te verbranden en daardoor wordt er ook minder van opgeslagen als vet.

Een teveel aan suikers put de alvleesklier uit en leidt tot tekorten in het lichaam en versnelde veroudering van lichaamscellen. Voor de opname van suiker heeft het lichaam B-vitaminen nodig, maar ook mineralen als chroom en zink. Bij mensen met depressieve klachten zien we dat  er vaak met name een tekort is aan de B-vitaminen (B11 = foliumzuur, B12 en B6) en aan het mineraal magnesium.

Het belang van vitamine D bij depressie

  • Vitamine D tegen Depressie Nieuw onderzoek laat wederom zien dat er een verband is tussen vitamine D en depressieve klachten. In dit onderzoek werden meer dan 80.000 vrouwen van boven de 50 gevolgd. Depressieve klachten kwamen 21% minder vaak voor bij vrouwen die dagelijks meer dan 20 microgram vitamine D binnenkregen dan bij vrouwen die weinig (minder dan 2,5 mcg per dag) vitamine D tot zich namen. Vitamine D maakt het lichaam zelf aan onder invloed van zonlicht en nemen we in beperkte mate op uit voeding. In noordelijke landen schijnt de zon echter onvoldoende vaak. Tekorten komen daardoor vrij vaak voor. N.B.: mensen met overgewicht hebben vaak een laag gehalte aan vitamine D in het bloed.

Cliënten van Kroonhomeopathie krijgen een algemeen voedingsadvies waarin wordt aangegeven wat de meer gezonde keuzes zijn qua eten en drinken. Dit wordt eventueel aangevuld met specifieke zaken waar je op kunt letten bij bepaalde aandoeningen.

Er zijn een paar specifieke voedingsstoffen aan te wijzen die een belangrijke rol spelen in de geestesgesteldheid van mensen. Zo is uit meerdere onderzoeken gebleken dat foliumzuur de kans op een depressie verkleint. Dit is een vitamine die gevormd wordt na het eten van bijvoorbeeld groene groenten, volkorenproducten, vlees en zuivel. Met een gezond dieet bedoelen onderzoekers vooral groenten, fruit, bessen, volkorenbrood, gevogelte, vis en magere kaas

Darmsanering:

N.B.: als lichamelijke en emotionele symptomen uitwijzen dat er depressieve klachten zijn, die in relatie staan tot ontstekingen in de darmen of bij het ‘leaky gut syndrome’, waarbij door een vergrote doorlaatbaarheid van het darmslijmvlies, voedingsstoffen niet goed kunnen worden opgenomen, kan het zinvol zijn om een  darmsaneringskuur te volgen. Zo’n kuur bestaat uit meerdere specifieke supplementen en pre- en pro-biotica.

Denk daarbij aan: PDS, colitis ulcerosa, Crohn, voedselintolerantie, allergische huid- en longaandoeningen, coeliakie (gluten) en gedragsproblemen zoals ADHD en autisme.